Dr. Bert Breij spreekt met drs. Harry Suykerbuyk, onder meer voormalig prominent beleidsmaker farmacie op het ministerie van VWS.

Nanotechnologie: eerst begrijpen, dan pas reguleren

2 maart 2026 | Algemeen, Topper

Dr Bert Breij spreekt met drs Harry Suykerbuyk, onder meer voormalig prominent beleidsmaker farmacie op het ministerie van VWS.

Nanotechnologie is het ontwerpen en toepassen van materialen en systemen op het niveau van miljardsten van een meter, ontwikkeld door universiteiten, onderzoeksinstituten en hightechbedrijven, in productie gebracht door industrie en defensie, en direct gebruikt in geneeskunde, wetenschap en uiteindelijk door ons allemaal. Met toepassingen, die nog zeer experimenteel zijn, zoals voor computerchips, batterijen voor elektrische auto’s of nano-sensoren in de landbouw. Maar een enkele keer tamelijk banaal, zoals zelfreinigende glas op gebouwen.

Nanotechnologie is overal. En tegelijk nergens. Ze zit in laboratoria, in prototypes, in hoofden. Nog niet in de supermarkt. Nog niet in de wet. Toch is er formeel al toezicht. Althans: iemand staat stand-by. Althans voor onze voeding en consumentenproducten: de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Dat klinkt geruststellend. Dat is het niet. De NVWA doet wat zij moet doen. Controleren. Handhaven. Regels toepassen. Alleen: je kunt geen regels handhaven die er nog niet zijn. En je kunt geen risico’s toetsen die zich nog moeten aandienen. Nanotechnologie zit daar nog vóór. In de fase van belofte. En van verrassing. Juist daar gaat het vaak mis.

De echte vraag is dan ook niet wie toezicht houdt. De echte vraag is wie er eigenlijk kijkt. Wie volgt wat er gebeurt. Wie ziet dat ontwikkelingen in nanotechnologie ineens relevant worden voor defensie. Voor intensive care. Voor toxicologie. Voor farmacologie. Voor voeding. Voor dierenwelzijn. Dat is geen werk voor een inspecteur met een checklist. Dat vraagt om kennis. En om verbeelding. Om mensen die gewend zijn vooruit te denken zonder meteen in te grijpen.

Daar ligt een logische rol voor het RIVM, het rijksinstituut dat gezondheid, milieu en risico’s onderzoekt, en TNO, de organisatie die wetenschappelijke kennis vertaalt naar praktische toepassingen. Niet om te waarschuwen met grote woorden, maar om rustig te volgen, te duiden en te verbinden. En waar het gaat over gezondheid en ziekte, ligt het voor de hand de Gezondheidsraad te betrekken, het onafhankelijke adviesorgaan dat regering en parlement wetenschappelijk onderbouwd adviseert. Niet om paniek te zaaien, maar om te zeggen: dit weten we. En dit nog niet.

We zijn eenvoudigweg nog niet toe aan nieuwe regelgeving. Wie daar nu al op aandringt, verwart daadkracht met haast. Regels zonder inzicht zijn rituelen. Ze geven een gevoel van controle. En leveren vooral papier op. Maar niets doen is ook geen optie. Onwetendheid is zelden onschuldig. Nanotechnologie kan grote gevolgen hebben. Juist omdat ze klein is. Juist omdat ze slim is. Juist omdat ze zich aan onze aandacht onttrekt. Eerst kijken dus. Goed kijken. Dan nadenken. En pas daarna: toezicht. Wie meteen reguleert, loopt vooruit op zichzelf. Wie niet kijkt, loopt straks achter alles aan.

Breij: Harry, jij hebt jarenlang gewerkt op het snijvlak van farmacie, beleid en toezicht. Als je dit zo hoort – “eerst begrijpen, dan pas reguleren” – klinkt dat voor jou als gezond verstand of als risico?

Suykerbuyk: Als gezond verstand. Maar het vraagt discipline. In Den Haag is de reflex vaak: er gebeurt iets nieuws, dus er moet een regel komen. Dat geeft politieke rust. Maar bij technologie die zich nog ontwikkelt, kan te vroege regelgeving averechts werken. Je sluit mogelijkheden af of je reguleert op basis van aannames die later onjuist blijken.

Breij: Tegelijk kan wachten ook gevaarlijk zijn.

Suykerbuyk: Zeker. Daarom zeg ik niet: niets doen. Ik zeg: anders kijken. Zorg dat je kennispositie op orde is. Investeer in monitoring. Niet alleen juridisch, maar wetenschappelijk. Begrijp wat er in laboratoria gebeurt. Begrijp hoe snel toepassingen kunnen doorschuiven naar de praktijk. In de farmacie hebben we geleerd dat kleine veranderingen op moleculair niveau enorme klinische effecten kunnen hebben. Bij nanotechnologie kan dat net zo zijn.

Breij: Dus je pleit eigenlijk voor een soort waakzame rust?

Suykerbuyk: Precies. Waakzaamheid zonder hysterie. Je moet weten wat je nog niet weet. Dat klinkt eenvoudig, maar dat is het niet. Het vraagt om samenwerking tussen instituten, om open communicatie met onderzoekers en industrie, en om internationale afstemming. Nanotechnologie stopt niet bij de grens.

Breij: Wie moet daarin het voortouw nemen?

Suykerbuyk: Niet één partij. De inspectie handhaaft, maar kan niet vooruitdenken alleen. Wetenschappelijke instituten moeten duiden. Adviesorganen moeten onafhankelijk reflecteren. En het ministerie moet het overzicht bewaren. Als die rollen helder zijn, kun je tijdig schakelen. Dan wordt regulering een gevolg van inzicht, niet van paniek.

Breij: Dus eerst kijken. Dan begrijpen. Dan pas regels.

Suykerbuyk: Ja. En vooral: blijven kijken. Want tegen de tijd dat je denkt dat je het begrijpt, is de technologie alweer een stap verder.

 

Foto door Andre Moura

0 reacties

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Door Bert Breij

Door Bert Breij

En meer…

Share This

Vertel het door...

Deel deze pagina via je social media.